Het aanmaken van een account heeft vele voordelen:
Winkelwagen
Subtotaal winkelwagen
U heeft geen product(en) in uw winkelwagen.
Talen
Dit product moet worden goedgekeurd door de apotheker. Dit kan even duren.
Maximum toegelaten hoeveelheid in winkelwagen bereikt
Doeldiersoort: kat
Voor de behandeling van vlooien- en tekeninfestaties bij katten.
Dit diergeneesmiddel heeft een onmiddellijke en aanhoudende dodende werking gedurende 1 maand tegen vlooien (Ctenocephalides felis en C. canis) en teken (Ixodes ricinus).
Vlooien en teken moeten aanhechten aan de gastheer en beginnen met voeden om blootgesteld te worden aan het werkzame bestanddeel.
Speciale waarschuwingen: Parasieten moeten beginnen met voeden op de gastheer om blootgesteld te worden aan lotilaner; de overdracht van door parasieten overgedragen infectieziekten kan daarom niet volledig worden uitgesloten. Er moet in overweging worden genomen dat andere dieren in hetzelfde huishouden mogelijk een bron van herinfectie met vlooien vormen, en deze moeten indien nodig worden behandeld met een geschikt diergeneesmiddel. Alle vlooienstadia kunnen het beddengoed van de hond en veelgebruikte rustplaatsen zoals tapijten en zacht meubilair besmetten. In geval van een massale vlooienplaag en aan het begin van de bestrijdingsmaatregelen moeten deze plaatsen met een geschikt omgevingsproduct worden behandeld en vervolgens regelmatig worden gestofzuigd. Speciale voorzorgsmaatregelen voor veilig gebruik bij de doeldiersoort(en): Alle veiligheids- en werkzaamheidsgegevens zijn afkomstig van honden en pups met een leeftijd van 8 weken of ouder en met een lichaamsgewicht van 1,3 kg of meer. Bij gebrek aan beschikbare gegevens, moet een dierenarts worden geraadpleegd alvorens tot behandeling over te gaan bij pups jonger dan 8 weken of met een lichaamsgewicht van minder dan 1,3 kg. Speciale voorzorgsmaatregelen te nemen door de persoon die het diergeneesmiddel aan de dieren toedient: Handen wassen na gebruik van het diergeneesmiddel. In geval van accidentele ingestie, dient onmiddellijk een arts te worden geraadpleegd en de bijsluiter of het etiket te worden getoond. Dracht en lactatie: Uit laboratoriumonderzoek bij ratten zijn geen gegevens naar voren gekomen die wijzen op teratogene effecten. De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet bewezen bij dracht en lactatie. Raadpleeg een dierenarts vóór behandeling tijdens dracht en lactatie. Vruchtbaarheid: Uit laboratoriumonderzoek bij ratten zijn geen gegevens naar voren gekomen die wijzen op enig negatief effect op het reproductievermogen van mannelijke en vrouwelijke dieren. De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet bewezen bij fokdieren. Raadpleeg een dierenarts vóór behandeling bij fokhonden. Interactie met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie: Geen bekend. Tijdens klinische studies zijn er geen interacties waargenomen tussen dit diergeneesmiddel en routinematig gebruikte diergeneesmiddelen. Overdosering: Er zijn geen bijwerkingen waargenomen na orale toediening aan pups met een leeftijd van 8–9 weken en een gewicht van 1,3–3,6 kg die een overdosering kregen van 5 maal de maximaal aanbevolen dosering (overeenkomend met 43 mg, 129 mg en 215 mg lotilaner/kg lichaamsgewicht) bij 8 toedieningen met maandelijkse intervallen.
Voor de behandeling van vlooien- en tekeninfestaties bij honden.
Dit diergeneesmiddel heeft een onmiddellijke en aanhoudende dodende werking gedurende 1 maand voor vlooien (Ctenocephalides felis en C. canis) en teken (Rhipicephalus sanguineus, Ixodes ricinus, I. hexagonus en Dermacentor reticulatus).
Vlooien en teken moeten aanhechten aan de gastheer en beginnen met voeden om blootgesteld te worden aan het werkzame bestanddeel.
Werkzaam bestanddeel:
Per kauwtablet:
Lotilaner 48mg
Hulpstoffen:
Gistpoeder (aroma)
Gesilicifieerde microkristallijne cellulose
Cellulose, poedervorm
Lactosemonohydraat
Povidon K30
Crospovidon
Natriumlaurylsulfaat
Vanilline (aroma)
Colloïdaal siliciumdioxide anhydraat
Magnesiumstearaat
Geen bekend. Tijdens klinische studies zijn er geen interacties waargenomen tussen het diergeneesmiddel en routinematig gebruikte diergeneesmiddelen.
7. Bijwerkingen Doeldiersoort(en): Hond Zeer zelden (<1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen): Diarree1,2, Bloederige diarree1 , Braken1,2; Anorexie1,2, Lethargie2 , Polydipsie (meer dorst)1,2; Ataxie3 , Convulsie3 , Tremor3 ; Pruritus (jeuk)1,2; Ongepast urineren1 , Polyurie (meer urineren)1,2 , Urine-incontinentie1,2 1 Mild en voorbijgaand 2 Verdwijnen meestal zonder behandeling 3 In de meeste gevallen van voorbijgaande aard Het melden van bijwerkingen is belangrijk. Op deze manier kan de veiligheid van een diergeneesmiddel voortdurend worden bewaakt. Indien u bijwerkingen vaststelt, zelfs wanneer die niet in deze bijsluiter worden vermeld, of u vermoedt dat het geneesmiddel niet heeft gewerkt, neem dan in eerste instantie contact op met uw dierenarts. U kunt bijwerkingen ook melden aan de houder van de vergunning voor het in de handel brengen met behulp van de contactgegevens aan het einde van deze bijsluiter of via uw nationale meldsysteem:{gegevens van het nationale systeem}. 7. Bijwerkingen Doeldiersoort(en): Kat Zeer zelden (<1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen): Hyperactiviteit1,2 Braken2 Ataxie (incoördinatie), Spiertremor Tachypneu (snelle oppervlakkige ademhaling) Pruritus (jeuk)1,2 Anorexie (verlies van eetlust), Lethargie 1 Mild en voorbijgaand 2 Verdwijnt meestal zonder behandeling Het melden van bijwerkingen is belangrijk. Op deze manier kan de veiligheid van een diergeneesmiddel voortdurend worden bewaakt. Indien u bijwerkingen vaststelt, zelfs wanneer die niet in deze bijsluiter worden vermeld, of u vermoedt dat het geneesmiddel niet heeft gewerkt, neem dan in eerste instantie contact op met uw dierenarts. U kunt bijwerkingen ook melden aan de houder van de vergunning voor het in de handel brengen met behulp van de contactgegevens aan het einde van deze bijsluiter of via uw nationale meldsysteem: {gegevens van het nationale systeem}.
Niet gebruiken bij overgevoeligheid voor het werkzame bestanddeel of één van de hulpstoffen.
3.7 Gebruik tijdens dracht, lactatie of leg De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet bewezen bij fokdieren, drachtige of lacterende honden. Dracht en lactatie: Uit laboratoriumonderzoek bij ratten zijn geen gegevens naar voren gekomen die wijzen op teratogene effecten, noch enig ander negatief effect op het reproductievermogen van mannelijke- en vrouwelijke dieren. Raadpleeg een dierenarts vóór behandeling tijdens dracht en lactatie. Vruchtbaarheid: Raadpleeg een dierenarts vóór behandeling bij fokhonden.
3.7 Gebruik tijdens dracht, lactatie of leg De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet bewezen tijdens dracht en lactatie. Dracht en lactatie: Uit laboratoriumonderzoek bij ratten zijn geen gegevens naar voren gekomen die wijzen op teratogene effecten, noch enig ander negatief effect op het reproductievermogen van mannelijke en vrouwelijke dieren. Raadpleeg een dierenarts vóór behandeling tijdens dracht en lactatie. Vruchtbaarheid: Raadpleeg een dierenarts vóór behandeling bij fokkatten.
Dracht en lactatie: Uit laboratoriumonderzoek bij ratten zijn geen gegevens naar voren gekomen die wijzen op teratogene effecten. De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet bewezen bij dracht en lactatie. Raadpleeg een dierenarts vóór behandeling tijdens dracht en lactatie. Vruchtbaarheid: Uit laboratoriumonderzoek bij ratten zijn geen gegevens naar voren gekomen die wijzen op enig negatief effect op het reproductievermogen van mannelijke en vrouwelijke dieren. De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet bewezen bij fokdieren. Raadpleeg een dierenarts vóór behandeling bij fokhonden.
Dracht en lactatie: Uit laboratoriumonderzoek bij ratten zijn geen gegevens naar voren gekomen die wijzen op teratogene effecten. De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet bewezen tijdens dracht en lactatie. Raadpleeg een dierenarts vóór behandeling tijdens dracht en lactatie. Vruchtbaarheid: Uit laboratoriumonderzoek bij ratten zijn geen gegevens naar voren gekomen die wijzen op enig negatief effect op het reproductievermogen van mannelijke en vrouwelijke dieren. De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet bewezen bij fokkatten. Raadpleeg een dierenarts vóór behandeling bij fokkatten .
Voor oraal gebruik.
Het gearomatiseerde diergeneesmiddel dient te worden toegediend volgens onderstaande tabel om een enkele dosering van 6–24 mg lotilaner/kg lichaamsgewicht te garanderen.
Voor optimale controle over teken- en vlooieninfestaties dient het diergeneesmiddel maandelijks
toegediend te worden gedurende het vlooien- en/of tekenseizoen op basis van lokale epidemiologische omstandigheden.
| CNK | 4648770 |
|---|---|
| Organisaties | Elanco Animal Health |
| Merken | Elanco |
| Breedte | 63 mm |
| Lengte | 142 mm |
| Diepte | 20 mm |
| Behoud | Kamertemperatuur (15°C - 25°C) |