Het aanmaken van een account heeft vele voordelen:
Winkelwagen
Subtotaal winkelwagen
U heeft geen product(en) in uw winkelwagen.
Talen
Dit product moet worden goedgekeurd door de apotheker. Dit kan even duren.
Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.
Maximum toegelaten hoeveelheid in winkelwagen bereikt
Bravecto Plus kat behandelt uw kat tegen zowel teken of vlooien als tegen oormijten en/of wormen die in het lichaam leven. Bravecto Plus bevat de werkzame stoffen fluralaner en moxidectine. Dit geneesmiddel is verkrijgbaar in de vorm van een spot-on pipet in verschillende sterkten voor katten met een verschillend gewicht. De inhoud van het pipet wordt op de huid van de kat aangebracht ter hoogte van de schedelbasis. Bravecto Plus doodt vlooien en teken binnen 48 uur en het effect houdt 12 weken aan. Voor de preventie van hartwormziekte is Bravecto Plus gedurende acht weken werkzaam.
Dit diergeneesmiddel is schadelijk na inname. Bewaar het diergeneesmiddel tot gebruik in de originele verpakking om te voorkomen dat kinderen in contact komen met het diergeneesmiddel. Een gebruikte pipet dient onmiddellijk te worden weggegooid. In geval van accidentele inname dient een arts te worden geraadpleegd en de bijsluiter of het etiket te worden getoond. Het diergeneesmiddel is zeer brandbaar. Houd het weg van warmte, vonken, open vuur of andere ontstekingsbronnen. In geval van morsen, bijvoorbeeld op tafel of vloeroppervlakken, het gemorste diergeneesmiddel verwijderen met een papieren tissue en het gebied schoonmaken met zeep.
Voor katten met, of met een risico op, gecombineerde parasitaire infestaties met teken of vlooien en oormijten, maagdarmwormen, hartwormen of longwormen. Het diergeneesmiddel is alleen geïndiceerd wanneer gebruik tegen teken of vlooien en één of meerdere van de andere doelparasieten tegelijkertijd is geïndiceerd. Voor de behandeling van teken- en vlooieninfestaties bij katten met onmiddellijke en aanhoudende vlooien- (Ctenocephalides felis) en teken- (Ixodes ricinus) dodende werking gedurende 12 weken. Vlooien en teken moeten gehecht zijn aan de gastheer en beginnen met voeden om blootgesteld te worden aan het werkzame bestanddeel. Het diergeneesmiddel kan gebruikt worden als onderdeel van een behandelingsstrategie tegen vlooienallergiedermatitis (VAD). Voor de behandeling van infestaties met oormijten (Otodectes cynotis). Voor de behandeling van infecties met intestinale rondwormen (4e stadium larven, immature en volwassen vormen van Toxocara cati) en haakwormen (4e stadium larven, immature en volwassen vormen van Ancylostoma tubaeforme). Indien herhaald toegediend met een interval van 12 weken zorgt het diergeneesmiddel voor ononderbroken preventie van hartwormziekte veroorzaakt door Dirofilaria immitis (zie details in rubriek 9). Preventie van aelurostrongylose (door het voorkomen van de ontwikkeling van volwassen Aelurostrongylus abstrusus, verantwoordelijk voor klinische ziekte).
Interactie met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie: Macrocyclische lactonen als moxidectine zijn substraten voor P-glycoproteïne. Daarom dienen tijdens behandeling met het diergeneesmiddel andere producten die P-glycoproteïne kunnen remmen (zoals cyclosporine, ketoconazol, spinosad, verapamil) uitsluitend gebruikt te worden overeenkomstig de baten/risicobeoordeling van de verantwoordelijke dierenarts.
7. Bijwerkingen Kat: Vaak (1 tot 10 dieren/100 behandelde dieren): Huidreacties op de toedieningsplek (kaalheid, huidschilfers, roodheid en jeuk)# . Soms (1 tot 10 dieren/1.000 behandelde dieren): Kortademigheid (na likken van de toedieningsplek), versnelde ademhaling; kwijlen, braken, braken met bloed, diarree; sloomheid, koorts; verwijding van de pupillen. Zeer zelden (<1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen): Anorexie; Neurologische verschijnselen (b.v. tremor, ataxie). # mild en voorbijgaand Het melden van bijwerkingen is belangrijk. Op deze manier kan de veiligheid van een diergeneesmiddel voortdurend worden bewaakt. Indien u bijwerkingen vaststelt, zelfs wanneer die niet in deze bijsluiter worden vermeld, of u vermoedt dat het geneesmiddel niet heeft gewerkt, neem dan in eerste instantie contact op met uw dierenarts. U kunt bijwerkingen ook melden aan de houder van de vergunning voor het in de handel brengen met behulp van de contactgegevens aan het einde van deze bijsluiter of via uw nationale meldsysteem:{gegevens van het nationale systeem}
Niet gebruiken bij overgevoeligheid voor het werkzame bestanddeel of één van de hulpstoffen.
3.7 Gebruik tijdens dracht, lactatie of leg De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet vastgesteld tijdens dracht en lactatie en gebruik bij deze dieren wordt daarom afgeraden.
Toedieningswijze Stap 1: Onmiddellijk voor gebruik het sachet openen en de pipet eruit halen. Doe handschoenen aan. De pipet dient bij de basis of bij het harde bovenste deel onder de dop rechtop vastgehouden te worden (punt naar boven) om deze te openen. De draai-en-gebruik dop dient met de klok mee of tegen de klok in één keer rondgedraaid te worden. De dop zal op de pipet blijven; het is niet mogelijk deze te verwijderen. De pipet is open en klaar voor gebruik als het breken van de verzegeling wordt gevoeld.
Stap 2: De kat dient te staan of liggen met de rug horizontaal voor een gemakkelijke toediening. Plaats de pipetpunt aan de schedelbasis van de kat.
Stap 3: Knijp zachtjes in de pipet en breng de gehele inhoud direct op de huid van de kat aan. Het diergeneesmiddel dient bij katten tot 6,25 kg lichaamsgewicht aangebracht te worden op één plek aan de schedelbasis en bij katten met meer dan 6,25 kg lichaamsgewicht op 2 plekken aan de schedelbasis.
Behandeling Voor gelijktijdige behandeling van infecties met oormijten (Otodectes cynotis), dient een enkele dosis van het diergeneesmiddel te worden toegediend. Vraag 28 dagen na behandeling om een vervolg onderzoek bij uw dierenarts (zijnde otoscopie) om te bepalen of er sprake is van her-infestatie die een aanvullende behandeling vereist. De keuze voor een aanvullende behandeling (monosubstantie of combinatieproduct) dient te worden gemaakt door de voorschrijvende dierenarts. Voor gelijktijdige behandeling van infecties met de maagdarmwormen T. cati en A. tubaeforme dient een enkele dosis van het diergeneesmiddel te worden toegediend.
| CNK | 3706611 |
|---|---|
| Organisaties | MSD Animal Health |
| Breedte | 65 mm |
| Lengte | 153 mm |
| Diepte | 30 mm |
| Behoud | Kamertemperatuur (15°C - 25°C) |