Het aanmaken van een account heeft vele voordelen:
Winkelwagen
Subtotaal winkelwagen
U heeft geen product(en) in uw winkelwagen.
Talen
Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.
Neem contact op met ons via telefoon of e-mail, dan bekijken we samen de mogelijkheden.
Vaccineer alleen gezonde dieren. Maternale antistoffen, die tot een leeftijd van 9-12 weken aanwezig kunnen zijn, kunnen het resultaat van de vaccinatie ongunstig beïnvloeden. Het is mogelijk dat vaccinatie in de aanwezigheid van maternale antistoffen de klinische verschijnselen, leukopenie en virusuitscheiding als gevolg van een FPLV infectie, niet volledig kan voorkomen. In gevallen waar een hoog niveau maternale antistoffen wordt verwacht, dient het vaccinatieschema overeenkomstig aangepast te worden. Interactie met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie: Er is geen informatie beschikbaar over de veiligheid en werkzaamheid van dit vaccin bij gebruik in combinatie met enig ander diergeneesmiddel. Ten aanzien van het gebruik van dit vaccin vóór of na enig ander diergeneesmiddel dient per geval een beslissing te worden genomen.
Speciale voorzorgsmaatregelen te nemen door de persoon die het diergeneesmiddel aan de dieren toedient: In geval van accidentele zelfinjectie dient onmiddellijk een arts te worden geraadpleegd en de bijsluiter of het etiket te worden getoond. Dracht en lactatie: Niet gebruiken tijdens dracht en lactatie, aangezien het diergeneesmiddel niet getest is bij drachtige en lacterende poezen. Levend FPL virus kan leiden tot reproductieproblemen bij drachtige poezen en aangeboren afwijkingen bij het nageslacht. Overdosering: Na een tienvoudige overdosering kan gedurende 4 tot 10 dagen een lichte, pijnlijke zwelling op de injectieplaats worden waargenomen. Een lichte, voorbijgaande verhoging van de lichaamstemperatuur (tot 40.8 oC) kan gedurende 1-2 dagen voorkomen. Incidenteel kan algemeen ongemak, hoesten, niezen, voorbijgaande sloomheid en verminderde eetlust worden waargenomen gedurende een paar dagen na vaccinatie. Belangrijke onverenigbaarheden: Niet mengen met enig ander diergeneesmiddel.
Actieve immunisatie van katten om vanaf de leeftijd van 8-9 weken klinische symptomen veroorzaakt door een infectie met het kattencalicivirus (FCV) en het kattenherpesvirus type 1(FHV, kattenrhinotracheïtisvirus) te verminderen en om klinische symptomen, leucopenie envirusexcretie veroorzaakt door infectie met het kattenpanleucopenievirus (FPLV) te verhinderen.
De aanvang van de immuniteit is voor de FCV- en FHV-component 4 weken, en 3 weken voorde FPLV-component.
De immuniteitsduur is 1 jaar voor de FCV- en FHV-component, en 3 jaar voor de FPLV-component.
Elke dosis (1 ml) gereconstitueerd vaccin bevat:
Werkzame bestanddelen:
Levend geattenueerd feline calicivirus, stam F9: ≥ 104.6 PFU1
Levend geattenueerd feline rhinotracheïtisvirus, stam G2620A: ≥ 105.2 PFU1
Levend geattenueerd feline panleukopenievirus, stam MW-1: ≥ 104.3 CCID50
Lyofilisaat: gebroken witte pellet.
Solvens: heldere kleurloze oplossing.
Interactie met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie:
Er is geen informatie beschikbaar over de veiligheid en werkzaamheid van dit vaccin bij gebruik in combinatie met enig ander diergeneesmiddel. Ten aanzien van het gebruik van dit vaccin vóór of na enig ander diergeneesmiddel dient per geval een beslissing te worden genomen.
7. Bijwerkingen Kat: Zeer vaak (>1 dier/10 behandelde dieren): Zwelling van de injectieplaats.1 Niezen, hoesten, neusuitvloeiing, sloomheid, verminderde eetlust.2 Vaak (1 tot 10 dieren/100 behandelde dieren): Verhoging van de lichaamstemperatuur.3 Zeer zelden (<1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen): Pijnlijke injectieplaats, haaruitval, pruritus. Overgevoeligheidsreacties (b.v. pruritus, dyspneu, braken, diarree en flauwvallen, inclusief anafylaxie).4 Calicivirus limping syndroomreacties bij kittens.5 1 Lokale zwelling (≤ 5 mm), soms pijnlijk, kan 1-2 dagen na vaccinatie optreden op de injectieplaats. 2 Kunnen tot 2 dagen na vaccinatie worden waargenomen. 3 Verhoging van de lichaamstemperatuur (tot 40 °C) kan gedurende 1-2 dagen na vaccinatie voorkomen. 4 Soms dodelijk. Als er een dergelijke overgevoeligheidsreactie optreedt, dient onmiddelijk een passende behandeling te worden gegeven. 5 Zoals gerapporteerd in de literatuur, kunnen calicivirus limping syndroomreacties bij kittens optreden na het gebruik van een vaccin dat een feline calicivirus bestanddeel bevat. Het melden van bijwerkingen is belangrijk. Op deze manier kan de veiligheid van een diergeneesmiddel voortdurend worden bewaakt. Indien u bijwerkingen vaststelt, zelfs wanneer die niet in deze bijsluiter worden vermeld, of u vermoedt dat het geneesmiddel niet heeft gewerkt, neem dan in eerste instantie contact op met uw dierenarts. U kunt bijwerkingen ook melden aan de houder van de vergunning voor het in de handel brengen of de lokale vertegenwoordiger van de houder van de vergunning voor het in de handel brengen met behulp van de contactgegevens aan het einde van deze bijsluiter of via uw nationale meldsysteem.
Dracht en lactatie: Niet gebruiken tijdens dracht en lactatie, aangezien het diergeneesmiddel niet getest is bij drachtige en lacterende poezen. Levend FPL virus kan leiden tot reproductieproblemen bij drachtige poezen en aangeboren afwijkingen bij het nageslacht.
Niet gebruiken tijdens dracht en lactatie, aangezien het diergeneesmiddel niet getest is bij drachtige en lacterende poezen. Levend FPL virus kan leiden tot reproductieproblemen bij drachtige poezen en aangeboren afwijkingen bij het nageslacht.
Ten minste 104.6 PFU van feline calicivirus (FCV), stam F9, 105.2 PFU van feline rhinotracheïtisvirus (FVR), stam G2620A en 104.3 CCID50 van feline panleukopenievirus (FPLV), stam MW-1 in 1 ml solvens.
Basisvaccinatie:
Tweevoudige vaccinatie met telkens één dosis, met een interval van 3-4 weken. De eerste vaccinatie kan vanaf de leeftijd van 8-9 weken gegeven worden en de tweede vaccinatie vanaf de leeftijd van 12 weken.
Herhalingsvaccinatie:
Enkelvoudige vaccinatie met 1 dosis (1 ml) volgens onderstaand schema:
Jaarlijks tegen feline calicivirus en feline rhinotracheïtisvirus (met vaccins die de F9 of G2620 stammen bevatten, indien beschikbaar).
Iedere 3 jaar tegen feline panleukopenievirus (met stam MW-1 zoals in dit vaccin, indien beschikbaar).
| CNK | 2441350 |
|---|---|
| Organisaties | MSD Animal Health |
| Breedte | 45 mm |
| Lengte | 95 mm |
| Diepte | 40 mm |
| Behoud | Koelkast (2°C - 8°C) |