Previcox 57mg 3 Blisters X 10 Comp
Op voorschrift
Geneesmiddel

Previcox 57mg 3 Blisters X 10 Comp

  € 37,59
Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.

Maximum toegelaten hoeveelheid in winkelwagen bereikt

  € 37,59
Op bestelling
  1. Speciale waarschuwingen Speciale voorzorgsmaatregelen voor veilig gebruik bij de doeldiersoort(en): Het gebruik bij zeer jonge dieren, of bij dieren met een vermoedelijke of vastgestelde stoornis van de nier-, hart- of leverfunctie kan een bijkomend risico inhouden. Indien het gebruik niet kan worden vermeden, dienen deze honden onder nauwgezet diergeneeskundig toezicht geplaatst te worden. Een gepast laboratoriumonderzoek wordt aanbevolen vóór aanvang van de behandeling om subklinische (symptoomloze) nier- of leverstoornissen te ontdekken die tot bijwerkingen zouden kunnen leiden. Vermijd het gebruik bij gedehydrateerde, hypovolemische dieren of dieren met een verlaagde bloeddruk, aangezien er een risico op een verhoogde nefrotoxiciteit is. Gelijktijdige toediening van potentieel nefrotoxische middelen moet vermeden worden. Gebruik dit diergeneesmiddel onder strikt diergeneeskundig toezicht wanneer er een risico is op een maagdarmbloeding, of wanneer het dier eerder een intolerantie voor NSAID's heeft getoond. De behandeling moet afgebroken worden indien één van de volgende verschijnselen worden opgemerkt: regelmatige diarree, braken, occult bloed in de feces, plots gewichtsverlies, anorexie, lethargie of achteruitgang van de biochemische parameters van nier of lever. Speciale voorzorgsmaatregelen te nemen door de persoon die het diergeneesmiddel aan de dieren toedient: Handen wassen na gebruik van het diergeneesmiddel. In geval van accidentele ingestie, dient onmiddellijk een arts te worden geraadpleegd en de bijsluiter of het etiket te worden getoond. Gedeelde tabletten dienen teruggeplaatst te worden in de originele verpakking. Dracht en lactatie: Niet gebruiken in drachtige of lacterende teven. Laboratoriumstudies bij konijnen hebben maternotoxische en foetotoxische effecten bij doseringen die de aanbevolen behandelingsdosis van honden benaderen. Interactie met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie: Een voorafgaande behandeling met andere anti-inflammatoire stoffen kan resulteren in bijkomende of ernstigere bijwerkingen. Daarom moet een behandelingsvrije periode met zulke diergeneesmiddelen van tenminste 24 uur voor de aanvang van de behandeling met het diergeneesmiddel gerespecteerd worden. De behandelingsvrije periode moet echter rekening houden met de farmacokinetische eigenschappen van de voordien toegepaste diergeneesmiddelen. Het diergeneesmiddel mag niet in combinatie met andere NSAID's of glucocorticosteroïden toegediend worden. Ulceraties in het maagdarmkanaal kunnen door corticosteroïden verergeren bij dieren die niet�steroïdale anti-inflammatoire diergeneesmiddelen krijgen. Een bijkomende behandeling met moleculen die invloed hebben op de renale bloedsomloop, b.v. diuretica of Angiotensine Converterende Enzymremmers (ACE-remmers), moet plaatsvinden onder klinisch toezicht. Gelijktijdige toediening van potentieel nefrotoxische geneesmiddelen moet vermeden worden, aangezien er een verhoogd risico kan zijn op nefrotoxiciteit. Aangezien anesthetica de nierdoorbloeding kunnen beïnvloeden, moet het gebruik van parenterale vloeistoftoediening tijdens operaties worden overwogen om potentiële niercomplicaties te verminderen bij perioperatief gebruik van NSAID's. Gelijktijdig gebruik van andere werkzame bestanddelen die sterk eiwitbindend zijn, kan leiden tot competitie met firocoxib voor de binding, en kan dus leiden tot toxische effecten. Overdosering: Bij honden van tien weken oud bij aanvang van de behandeling, bij een dosering gelijk aan of hoger dan 25 mg/kg/dag (5 maal de aanbevolen dosis) gedurende drie maanden, werden de volgende verschijnselen van toxiciteit waargenomen: gewichtsverlies, slechte eetlust, veranderingen in de lever (vetopstapeling), in de hersenen (vacuolisatie), in de twaalfvingerige darm (zweren) en sterfte. Bij doseringen gelijk aan of hoger dan 15 mg/kg/dag (3 maal de aanbevolen dosis) gedurende zes maanden werden vergelijkbare klinische verschijnselen waargenomen, hoewel de ernst en frequentie minder waren en darmzweren afwezig waren. De klinische verschijnselen van toxiciteit in deze veiligheidsstudies bij het doeldier waren omkeerbaar bij enkele honden na stopzetten van de behandeling. Bij honden van zeven maanden oud bij aanvang van de behandeling, bij een dosering hoger dan of gelijk aan 25 mg/kg/dag (5 maal de aanbevolen dosis) gedurende zes maanden, werden gastro�intestinale bijwerkingen waargenomen; d.w.z. braken. Overdoseringsstudies werden niet uitgevoerd bij dieren ouder dan 14 maanden. Indien klinische verschijnselen van overdosering worden waargenomen, moet de behandeling worden gestopt.

Voor de verlichting van pijn en ontsteking geassocieerd met osteoarthritis in honden.
Voor de verlichting van post-operatieve pijn en ontsteking geassocieerd met weke delen,
orthopedische en tand-chirurgie bij honden.

Een voorafgaande behandeling met andere anti-inflammatoire stoffen kan resulteren in bijkomende of ernstigere bijwerkingen. Daarom moet een behandelingsvrije periode met zulke diergeneesmiddelen van ten minste 24 uur vóór de aanvang van de behandeling met het diergeneesmiddel gerespecteerd worden. De behandelingsvrije periode moet echter rekening houden met de farmacokinetische eigenschappen van de voordien toegepaste diergeneesmiddelen. Het diergeneesmiddel mag niet in combinatie met andere NSAID's of glucocorticosteroïden toegediend worden. Ulceraties in het maagdarmkanaal kunnen door corticosteroïden verergeren bij dieren die niet�steroïdale anti-inflammatoire diergeneesmiddelen krijgen. Een bijkomende behandeling met moleculen die een invloed hebben op de renale bloedsomloop, bijvoorbeeld diuretica of Angiotensine Converterende Enzym (ACE) remmers, moet plaatsvinden onder klinisch toezicht. Gelijktijdige toediening van potentieel nefrotoxische middelen moet vermeden worden aangezien er een verhoogd risico kan zijn op nefrotoxiciteit. Aangezien anesthetica de nierdoorbloeding kunnen beïnvloeden, is het gebruik van een parenterale vloeistoftoediening tijdens operaties te overwegen om mogelijke niercomplicaties te verminderen bij het perioperatief gebruik van NSAID's. Gelijktijdig gebruik van andere werkzame bestanddelen die sterk eiwitbindend zijn, kan leiden tot competitie met firocoxib voor de binding, en kan dus leiden tot toxische effecten.

Soms (1 tot 10 dieren/1.000 behandelde dieren): Braken1 en diarree.1 Zelden (1 tot 10 dieren/10.000 behandelde dieren): Aandoeningen van het zenuwstelsel. Zeer zelden (<1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen): Leveraandoeningen en nieraandoeningen. 1 In het algemeen van voorbijgaande aard en omkeerbaar wanneer de behandeling wordt gestopt. Indien bijwerkingen optreden zoals braken, regelmatige diarree, occult bloed in de feces, plots gewichtsverlies, anorexie, lethargie of achteruitgang van de biochemische parameters van nier of lever, moet het gebruik van het diergeneesmiddel worden gestopt en moet het advies van een dierenarts worden ingewonnen. Zoals met andere NSAID's kunnen ernstige bijwerkingen optreden die, in zeer zeldzame gevallen, dodelijk kunnen zijn. Het melden van bijwerkingen is belangrijk. Op deze manier kan de veiligheid van een diergeneesmiddel voortdurend worden bewaakt. Indien u bijwerkingen vaststelt, zelfs wanneer die niet in deze bijsluiter worden vermeld, of u vermoedt dat het geneesmiddel niet heeft gewerkt, neem dan in eerste instantie contact op met uw dierenarts. U kunt bijwerkingen ook melden aan de houder van de vergunning voor het in de handel brengen of de lokale vertegenwoordiger van de houder van de vergunning voor het in de handel brengen met behulp van de contactgegevens aan het einde van deze bijsluiter of via uw nationale meldsysteem.

Niet gebruiken bij drachtige of lacterende teven. Niet gebruiken bij dieren jonger dan 10 weken oud of bij dieren die minder dan 3 kg wegen. Niet gebruiken bij dieren die lijden aan een maagdarmbloeding, bloed-gerelateerde aandoeningen of stollingsstoornissen. Niet gelijktijdig toedienen met corticosteroïden of andere niet-steroïdale anti-inflammatoire geneesmiddelen (NSAID's) gebruiken.

Dracht en lactatie: Niet gebruiken in drachtige of lacterende teven. Laboratoriumstudies bij konijnen hebben maternotoxische en foetotoxische effecten bij doseringen die de aanbevolen behandelingsdosis van honden benaderen.

  1. Dosering voor elke diersoort, toedieningswijzen en toedieningswegen

5 mg per kg eenmaal daags. Voor de verlichting van postoperatieve pijn en ontsteking kan de toediening aan de dieren gestart worden 2 uur vóór de aanvang van de operatie, gedurende maximaal 3 opeenvolgende dagen naar behoefte. Na orthopedische chirurgie en afhankelijk van de response die wordt gezien, kan een behandeling met dezelfde dagelijkse dosering worden voortgezet na de eerste 3 dagen, na beoordeling door de behandelende dierenarts.

Voor orale toediening zoals weergegeven in de onderstaande tabel.

Lichaamsgewicht (kg)

Aantal kauwtabletten per sterkte mg/kg range 57 mg 227 mg

3,0 – 5,5 0,5 5,2 – 9,5 5,6 – 7,5 0,75 5,7 – 7,6 7,6 – 10 1 0,25 5,7 – 7,5

10,1 – 13 1,25 5,5 – 7,1 13,1 – 16 1,5 5,3 – 6,5 16,1 – 18,5 1,75 5,4 – 6,2 18,6 – 22,5 0,5 5,0 – 6,1 22,6 – 34 0,75 5,0 – 7,5 34,1 – 45 1 5,0 – 6,7 45,1 – 56 1,25 5,1 – 6,3 56,1 – 68 1,5 5,0 – 6,1 68,1 – 79 1,75 5,0 – 5,8 79,1 – 90 2 5,0 – 5,7

Tabletten kunnen worden gedeeld in 2 of 4 gelijke delen om nauwkeurig te kunnen doseren.

CNK 2212975
Organisaties Boehringer Ingelheim Animal Health
Breedte 50 mm
Lengte 111 mm
Diepte 25 mm
Behoud Kamertemperatuur (15°C - 25°C)