Het aanmaken van een account heeft vele voordelen:
Winkelwagen
Subtotaal winkelwagen
U heeft geen product(en) in uw winkelwagen.
Talen
Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.
Neem contact op met ons via telefoon of e-mail, dan bekijken we samen de mogelijkheden.
Speciale waarschuwingen: Overdracht van B.canis canis kan niet volledig worden uitgesloten, omdat D. reticulatus-teken zich aan de gastheer moeten hechten voordat ze worden gedood. Aangezien een acaricide werking tegen D. reticulatus tot 48 uur kan duren, kan overdracht van B. canis canis gedurende de eerste 48 uur niet worden uitgesloten. Het gebruik van het diergeneesmiddel moet gebaseerd zijn op de lokale epidemiologische situatie, met inbegrip van kennis van de meest voorkomende tekensoorten, aangezien overdracht van B. canis door andere tekensoorten dan D. reticulatus mogelijk is en deel moet uitmaken van een geïntegreerd bestrijdingsprogramma om de overdracht van Babesia canis te voorkomen. Speciale voorzorgsmaatregelen voor veilig gebruik bij de doeldiersoort(en): Pups jonger dan 8 weken en/of honden met een lichaamsgewicht van minder dan 1,3 kg mogen niet behandeld worden tenzij dat geadviseerd is door een dierenarts. Speciale voorzorgsmaatregelen te nemen door de persoon die het diergeneesmiddel aan de dieren toedient: Handen wassen na gebruik van het diergeneesmiddel. Accidentele inname van het diergeneesmiddel kan leiden tot nadelige effecten, zoals voorbijgaande verschijnselen van neurologische excitatie. Om te voorkomen dat kinderen in contact komen met het diergeneesmiddel, dient slechts één kauwtablet tegelijk uit de blisterverpakking te worden gehaald en alleen wanneer dat nodig is. De blisterverpakking dient na gebruik onmiddellijk in de doos te worden terug gedaan en de doos dient buiten het zicht en bereik van kinderen bewaard te worden. In geval van accidentele inname, dient onmiddellijk een arts te worden geraadpleegd en de bijsluiter of het etiket te worden getoond. Dracht en lactatie: De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet bewezen tijdens de dracht en lactatie of bij fokdieren. Uit laboratoriumonderzoek bij ratten en konijnen zijn geen gegevens naar voren gekomen die wijzen op teratogene effecten. Gebruik bij deze dieren wordt afgeraden. Vruchtbaarheid: De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet bewezen bij honden bestemd voor de fok. Gebruik bij deze dieren wordt afgeraden. Interactie met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie: Geen bekend. Tijdens klinische veldstudies werden geen interacties waargenomen tussen dit diergeneesmiddel en routinematig gebruikte diergeneesmiddelen. Tijdens veiligheidsstudies in het laboratorium werden geen interacties waargenomen wanneer sarolaner werd toegediend samen met milbemycine oxime, moxidectine en pyrantel pamoaat. (In deze studies werd de werkzaamheid niet onderzocht). Sarolaner wordt sterk gebonden aan plasmaeiwitten en kan concurreren met andere sterk gebonden geneesmiddelen zoals non-steroïdale anti-inflammatoire geneesmiddelen (NSAIDs) en het coumarinederivaat warfarine.
Voor de behandeling van tekeninfestaties (Dermacentor reticulatus, Ixodes hexagonus, Ixodes ricinus en Rhipicephalus sanguineus). Het diergeneesmiddel heeft een onmiddellijke en aanhoudende teken dodende werking gedurende tenminste 5 weken. Voor de behandeling van vlooieninfestaties (Ctenocephalides felis en Ctenocephalides canis). Het diergeneesmiddel heeft een onmiddellijke en aanhoudende vlo dodende werking tegen nieuwe infestaties gedurende tenminste 5 weken. Het diergeneesmiddel kan gebruikt worden als onderdeel van een behandelingsstrategie tegen vlooienallergiedermatitis (VAD). Voor de behandeling van sarcoptesschurft (Sarcoptes scabiei). Voor de behandeling van oormijtinfestaties (Otodectes cynotis). Voor de behandeling van demodicose (Demodex canis). Voor vermindering van het risico op infectie met Babesia canis canis via overdracht door Dermacentor reticulatus gedurende 28 dagen na de behandeling. Het effect is indirect door de werkzaamheid van het diergeneesmiddel tegen de vector. Vlooien en teken moeten aanhechten aan de gastheer en beginnen met voeden om blootgesteld te worden aan het werkzame bestanddeel.
Interactie met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie: Geen bekend. Tijdens klinische veldstudies werden geen interacties waargenomen tussen het diergeneesmiddel en routinematig gebruikte diergeneesmiddelen. Tijdens veiligheidsstudies in het laboratorium werden geen interacties waargenomen wanneer sarolaner werd toegediend samen met milbemycine oxime, moxidectine en pyrantel pamoaat. (In deze studies werd de werkzaamheid niet onderzocht). Sarolaner wordt sterk gebonden aan plasmaeiwitten en kan concurreren met andere sterk gebonden geneesmiddelen zoals non-steroïdale anti-inflammatoire geneesmiddelen (NSAIDs) en het coumarinederivaat warfarine.
Hond: Zeer zelden (<1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen): gastro-intestinale verschijnselen (zoals braken, diarree)1 , systemische aandoeningen (zoals lethargie, anorexie)1 , neurologische aandoeningen (zoals tremor, ataxie, convulsies) 2 1 Mild en voorbijgaand 2 In de meeste gevallen zijn deze verschijnselen voorbijgaande. Het melden van bijwerkingen is belangrijk. Op deze manier kan de veiligheid van een diergeneesmiddel voortdurend worden bewaakt. Indien u bijwerkingen vaststelt, zelfs wanneer die niet in deze bijsluiter worden vermeld, of u vermoedt dat het geneesmiddel niet heeft gewerkt, neem dan in eerste instantie contact op met uw dierenarts. U kunt bijwerkingen ook melden aan de houder van de vergunning voor het in de handel brengen met behulp van de contactgegevens aan het einde van deze bijsluiter of via uw nationale meldsysteem: {gegevens van het nationale systeem}.
Niet gebruiken bij overgevoeligheid voor het werkzame bestanddeel of één van de hulpstoffen.
Dracht en lactatie: De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet bewezen tijdens de dracht en lactatie of bij fokdieren. Uit laboratoriumonderzoek bij ratten en konijnen zijn geen gegevens naar voren gekomen die wijzen op teratogene effecten. Gebruik bij deze dieren wordt afgeraden. Vruchtbaarheid: De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet bewezen bij honden bestemd voor de fok. Gebruik bij deze dieren wordt afgeraden.
3.9 Toedieningswegen en dosering Oraal gebruik. Tabletten kunnen met of zonder voedsel worden toegediend.
Het diergeneesmiddel dient te worden toegediend in een dosering van 2-4 mg/kg lichaamsgewicht volgens onderstaande tabel:
Lichaamsgewicht (kg) Tablet sterkte (mg sarolaner) Aantal tabletten dat moet worden toegediend 1,3–2,5 5 Eén
2,5–5 10 Eén 5–10 20 Eén 10–20 40 Eén 20–40 80 Eén 40–60 120 Eén 60 Juiste combinatie van tabletten
Gebruik een juiste combinatie van beschikbare sterkten om de aanbevolen dosering van 2-4 mg/kg te bereiken. Om een juiste dosering te waarborgen, dient het lichaamsgewicht zo nauwkeurig mogelijk bepaald te worden. De tabletten van dit diergeneesmiddel zijn smakelijke kauwtabletten die door honden gemakkelijk worden opgenomen wanneer deze worden aangeboden door de eigenaar. Als de tablet niet vrijwillig wordt opgenomen kan de tablet ook met voedsel of direct in de mond gegeven worden. De tabletten mogen niet worden gebroken. Behandelschema: Voor een optimale controle van teken- en vlooieninfestaties dient het diergeneesmiddel gedurende het vlooien-en/of tekenseizoen continu met maandelijkse intervallen te worden toegediend, gebaseerd op de lokale epidemiologische situatie. Voor de behandeling van oormijtinfestaties (Otodectes cynotis) moet een enkelvoudige dosis worden toegediend. Een diergeneeskundig vervolgonderzoek is aanbevolen 30 dagen na de behandeling aangezien bij sommige dieren een tweede behandeling nodig kan zijn. Voor de behandeling van sarcoptes schurft (veroorzaakt door Sarcoptes scabiei var. canis) dient gedurende twee opeenvolgende maanden een enkelvoudige dosis te worden toegediend met een interval van een maand. Voor de behandeling van demodicose (veroorzaakt door Demodex canis) is toediening van een maandelijkse enkelvoudige dosis gedurende 3 opeenvolgende maanden effectief en leidt tot een duidelijke verbetering van de klinische verschijnselen. De behandeling moet worden voortgezet tot de huidafkrabsels negatief zijn bij tenminste twee opeenvolgende gelegenheden met een interval van 1 maand. Aangezien demodicose een multifactoriële ziekte is, wordt aanbevolen om ook eventuele onderliggende ziektes op gepaste wijze te behandelen.
| CNK | 3410198 |
|---|---|
| Organisaties | Zoetis Belgium |
| Breedte | 96 mm |
| Lengte | 148 mm |
| Diepte | 25 mm |
| Behoud | Kamertemperatuur (15°C - 25°C) |