Het aanmaken van een account heeft vele voordelen:
Winkelwagen
Subtotaal winkelwagen
U heeft geen product(en) in uw winkelwagen.
Talen
Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.
Neem contact op met ons via telefoon of e-mail, dan bekijken we samen de mogelijkheden.
Speciale waarschuwingen: Uitsluitend voor intraveneus gebruik. Het gebruik van uitsluitend diazepam als verdovingsmiddel is meestal minder effectief bij dieren die al opgewonden zijn. Diazepam kan leiden tot sufheid en desoriëntatie en moet bij werkdieren, zoals leger-, politie- en hulphonden, met voorzichtigheid worden gebruikt. Speciale voorzorgsmaatregelen voor veilig gebruik bij de doeldiersoorten: Het diergeneesmiddel moet met voorzichtigheid worden gebruikt bij dieren met een lever- of nieraandoening en bij verzwakte, uitgedroogde, anemische, zwaarlijvige of geriatrische dieren. Het diergeneesmiddel moet met voorzichtigheid worden gebruikt bij dieren in shock of in coma, en bij dieren met een aanzienlijke ademhalingsdepressie. Het diergeneesmiddel moet met voorzichtigheid worden gebruikt bij dieren met glaucoom. Het gebruik van diazepam wordt afgeraden voor de behandeling van convulsieve aandoeningen bij katten in geval van chronische toxicose door chloorpyrifos, aangezien het diergeneesmiddel organofosfaatvergiftigingen kan versterken.
Bij katten en honden:
Voor kortdurende behandeling van convulsieve aandoeningen en skeletspierspasmen van centrale enperifere oorsprong. Als onderdeel van een pre-anesthesie- of sedatieprocedure.
Per ml oplossing:
Diazepam…………………………. 5.0 mg
Benzylalcohol (E1519)…………… 15.7 mg
Benzeencarbonzuur (E210)………. 2.5 mg
Natriumbenzoaat (E211)…………. 47.5 mg
Oplossing voor injectie.
Heldere groengele oplossing.
Interactie met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie:
Diazepam remt het centraal zenuwstelsel, wat de werking van andere czs-remmende middelen (bijv. barbituraten, tranquilizers, narcotica en antidepressiva) kan versterken.
Diazepam kan de werking van digoxine versterken.
Cimetidine, erytromycine, azoolverbindingen (zoals itraconazol en ketoconazol), valproïnezuur en propanol kunnen de metabolisatie van diazepam vertragen. Verlaging van de dosis diazepam kan nodig zijn om te sterke sedatie te vermijden.
Dexamethason kan de werking van diazepam verminderen.
Het gelijktijdige gebruik met hepatotoxische doseringen van andere stoffen moet worden vermeden.
Honden en katten: Zelden (1 tot 10 dieren/10.000 behandelde dieren): Gedragsstoornissen (bijv. opgewondenheid, agressie, ontremd gedrag) 1 Zeer zelden (<1 dier/10.000 behandelde dieren, inclusief geïsoleerde meldingen): Levernecrose (acuut) 2, leverfalen 2 Onbepaalde frequentie: Hypotensie 3, hartaandoeningen 3, tromboflebitis 3 Ataxie, desoriëntatie, veranderingen in stemming en gedrag Toegenomen eetlust 4 1 Paradoxale reacties. Hoofdzakelijk bij honden van een klein ras. Vermijd het gebruik van diazepam als enig middel bij mogelijk agressieve dieren. 2 Alleen bij katten. 3 Kan worden veroorzaakt door snelle intraveneuze toediening. 4 Hoofdzakelijk bij katten. Het melden van bijwerkingen is belangrijk. Op deze manier kan de veiligheid van een diergeneesmiddel voortdurend worden bewaakt. Indien u bijwerkingen vaststelt, zelfs wanneer die niet in deze bijsluiter worden vermeld, of u vermoedt dat het geneesmiddel niet heeft gewerkt, neem dan in eerste instantie contact op met uw dierenarts. U kunt bijwerkingen ook melden aan de houder van de vergunning voor het in de handel brengen of de lokale vertegenwoordiger van de houder van de vergunning voor het in de handel brengen met behulp van de contactgegevens aan het einde van deze bijsluiter of via uw nationale meldsysteem: adversedrugreactions_vet@fagg-afmps.be
Niet gebruiken bij overgevoeligheid voor het werkzame bestanddeel of één van de hulpstoffen.
Niet gebruiken bij ernstige leveraandoeningen.
Diazepam kan schadelijk zijn voor foetus en ongeboren kind. Diazepam en zijn metabolieten worden uitgescheiden in moedermelk en hebben daardoor een farmacologisch effect op pasgeborenen die borstvoeding krijgen. Als zodanig mogen vrouwen die zwanger kunnen worden en moeders die borstvoeding geven dit diergeneesmiddel niet hanteren. Speciale voorzorgsmaatregelen voor de bescherming van het milieu: Niet van toepassing. Dracht en lactatie: De veiligheid van het diergeneesmiddel is niet bewezen tijdens dracht en lactatie bij honden en katten. Uitsluitend gebruiken overeenkomstig de baten-risicobeoordeling door de behandelende dierenarts. Als het diergeneesmiddel bij lacterende vrouwelijke dieren wordt gebruikt, moeten puppy's/kittens zorgvuldig worden gecontroleerd op ongewenste slaperigheid/sederende effecten die van invloed kunnen zijn op de zuigfunctie.
Uitsluitend voor toediening door een langzame, intraveneuze injectie.
Bij honden en katten:
Kortdurende behandeling van convulsieve aandoeningen: 0,5 mg diazepam/kg lichaamsgewicht (overeenkomend met 0,5 ml/5 kg).
Toe te dienen als een bolus en tot maximaal drie keer te herhalen, met telkens een interval van ten minste tien minuten.
Kortdurende behandeling van spierspasmen: 0,5-2,0 mg/kg lichaamsgewicht (overeenkomend met 0,5- 2,0 ml/5 kg).
Als onderdeel van een verdovingsprocedure: 0,2-0,6 mg/kg lichaamsgewicht (overeenkomend met 0,2- 0,6 ml/5 kg).
Als onderdeel van een pre-anesthesieprocedure: 0,1-0,2 mg/kg lichaamsgewicht (overeenkomend met 0,1-0,2 ml/5 kg).
Om een juiste dosering te waarborgen dient het lichaamsgewicht zo nauwkeurig mogelijk bepaald te worden.
Uitsluitend voor toediening door een langzame, intraveneuze injectie.
| CNK | 3162633 |
|---|---|
| Organisaties | Fendigo, Laboratoire TVM |
| Breedte | 73 mm |
| Lengte | 96 mm |
| Diepte | 20 mm |
| Behoud | Kamertemperatuur (15°C - 25°C) |